Schadevergoeding Waarborgfonds Motorverkeer

Hoewel veroorzakers van verkeersongevallen in de meeste gevallen stoppen en hun identiteit kenbaar maken, komt het helaas ook weleens voor dat een slachtoffer de identiteit van de aansprakelijke partij niet krijgt vastgesteld. In dat geval kunt u trachten een beroep te doen op een schadevergoeding van het Waarborgfonds Motorverkeer.

Door Mark van Raak

raak

Teneinde te voorkomen dat een slachtoffer zijn schade (volledig) zelf dient te dragen, is wettelijk vastgelegd dat het slachtoffer in een dergelijk geval een beroep kan doen op het Waarborgfonds Motorverkeer – uiteraard dient er wel aansprakelijkheid voor een door een motorrijtuig veroorzaakte schade te bestaan.

Een uitkering vanuit het Waarborgfonds krijgt een slachtoffer niet zomaar. Onder andere is vereist dat het slachtoffer alles heeft gedaan wat redelijkerwijs van hem kon worden verwacht om de identiteit van de aansprakelijke partij te achterhalen. En op dat vlak gaat het jammer genoeg nog te vaak mis. Als voorbeeld wordt in dit kader verwezen naar de navolgende twee uitspraken:

Ongeval met mountainbike

In deze zaak was de bestuurster van de auto gestopt toen het slachtoffer met zijn mountainbike was gevallen. De bestuurster sprak met het slachtoffer. Toen het slachtoffer aangaf dat het goed met hem ging, vervolgde de bestuurster haar weg. Er werden geen (contact)gegevens uitgewisseld. Bijgekomen van de schrik bleek het slachtoffer toch letsel te hebben opgelopen, te weten een breuk aan één van de armen en een ontzetting van de rechterschouder. Het slachtoffer werd per ambulance naar het ziekenhuis gebracht. Teneinde de identiteit van de bestuurster (alsnog) te achterhalen, heeft het slachtoffer twee weken na het ongeval een buurtonderzoek gehouden. De identiteit van de bestuurster kreeg het slachtoffer echter niet meer achterhaald. De kantonrechter was onverbiddelijk en oordeelde dat voor het slachtoffer voldoende gelegenheid heeft bestaan om de identiteit van de bestuurster vast te stellen, zij hadden nota bene met elkaar gesproken. De vordering van het slachtoffer werd afgewezen (Rechtbank Limburg d.d. 24 juni 2015).

Ongeval met scooter

Deze zaak betrof een slachtoffer die met zijn scooter ten val kwam. De beweerdelijke veroorzaker reed echter door. Na eerst zeven dagen in het ziekenhuis te hebben gelegen, nam het slachtoffer contact op met een getuige. De betreffende getuige kon echter geen gegevens van de beweerdelijke veroorzaker, waaronder bijvoorbeeld een kenteken, geven. Nadien heeft het slachtoffer geen verdere acties meer ondernomen teneinde de identiteit van de (beweerdelijk) aansprakelijke partij te achterhalen. Naar de mening van de rechtbank heeft het slachtoffer zich onvoldoende ingespannen. Dat het slachtoffer later nog strafrechtelijke aangifte had gedaan, mocht het slachtoffer niet meer baten. Volgens de rechtbank namelijk mag van een slachtoffer, in een situatie waarin op het eerste oog weinig aanknopingspunten zijn om de identiteit van de vermeende dader te achterhalen, worden verwacht dat hij met voortvarendheid aangifte doet. Pas een maand later aangifte doen was volgens de rechtbank onvoldoende voortvarend. De vordering van het slachtoffer werd afgewezen (Rechtbank Midden-Nederland d.d. 2 september 2015).

Tip

Al met al wordt van een slachtoffer dus een actieve opstelling vereist. Vraag dan ook altijd – zelfs wanneer u denkt dat u (bijna) geen schade hebt – direct de identiteitsgegevens van de aansprakelijke partij op. Lukt dat niet, dan dient u zich afdoende in te spannen om de identiteit van de betreffende veroorzaker (alsnog) te achterhalen.

Mocht u twijfels hebben over wat redelijkerwijs van u mag worden verwacht, dan kunt u hiervoor uiteraard contact opnemen met de sectie letselschade van ons Legal Team.

 

Reageren is niet mogelijk.