Schenking, een voorschot op de erfenis?

Regelmatig doen ouders tijdens hun leven schenkingen aan de kinderen. Meestal vinden ze ook dat ze hun kinderen gelijk moeten behandelen en dat ieder kind recht heeft op hetzelfde bedrag. Ook de kinderen vinden dat doorgaans vanzelfsprekend.

Er bestaat echter geen wettelijke verplichting om kinderen, in financieel opzicht, gelijk te behandelen. Het staat ouders geheel vrij om aan het ene kind wel te schenken en aan het andere kind niet.

schenking

Oude erfrecht

Onder het oude erfrecht, dat gold tot 2003, werd hetgeen kinderen bij leven geschonken hadden gekregen in mindering gebracht op hun erfdeel, tenzij de ouder bij testament had bepaald dat er geen inbrengverplichting was. In feite werd de waarde van hun erfdeel verrekend met wat zij reeds geschonken hadden gekregen. Eigenlijk kreeg het kind door de inbrengverplichting als het ware een voorschot op de erfenis, waarmee werd bewerkstelligd dat alle kinderen bij de uiteindelijke verdeling van de nalatenschap evenveel hadden ontvangen.

Huidige erfrecht

Volgens het huidige erfrecht is de situatie echter precies andersom. Schenkingen hoeven niet te worden ingebracht bij de verdeling van de erfenis, tenzij bij de schenking zelf of in het testament is bepaald dat de schenking wel ingebracht moet worden.

Voorbeeld

De ouders hebben twee dochters, Marit en Julia. Marit heeft een goede baan met bijbehorend inkomen en heeft drie jaar geleden samen met haar partner een woning gekocht. Julia gaat het minder voor de wind. Met haar inkomen krijgt ze geen hypotheek, haar baan biedt weinig carrièreperspectief en ze is alleenstaande moeder. Haar ouders besluiten om Julia te helpen en schenken haar € 100.000,00 om een woning aan te kunnen kopen. Bijkomend voordeel is ook nog dat Julia dit bedrag geheel belastingvrij ontvangt omdat het schenkingsbedrag lager is dan de verruimde schenkingsvrijstelling. Wat betekent dit nu voor Marit?

Stel de nalatenschap bedraagt € 300.000,00. Aan de (vrijgestelde) schenking van € 100.000,00 die Julia tijdens leven heeft ontvangen is een inbrengverplichting verbonden. Marit heeft geen schenkingen gekregen. De fictieve nalatenschap bedraagt hierdoor € 400.000,00.

Marit ontvangt in dit geval € 200.000,00 uit de nalatenschap en Julia dus nog maar € 100.000,00. Omdat Julia de schenking belastingvrij heeft ontvangen is zij overigens alsnog bevoordeeld. De inbrengplicht zorgt immers alleen voor het gelijktrekken van bruto verkrijgingen.

Indien aan de schenking geen inbrengverplichting is verbonden, wordt de eerder gedane schenking dus niet recht getrokken en ontvangen Marit en Julia ieder de helft van de nalatenschap, te weten € 150.000,00.

Inbreng is gelimiteerd

Overigens gaat de verplichting tot inbreng niet zover dat het begiftigde kind daadwerkelijk geld terug in de boedel moet brengen. Diens erfdeel wordt hooguit teruggebracht tot nihil. Indien in ons voorbeeld de nalatenschap dus slechts € 50.000,00 zou hebben bedragen in plaats van € 300.000,00 dan gaat de hele nalatenschap naar Marit en ontvangt Julia niets meer.

Schriftelijk vastleggen

Heeft één van uw kinderen op enig moment behoefte aan een financieel steuntje in de rug, bijvoorbeeld voor de aankoop van een huis, dan is het dus verstandig om aan die schenking een schriftelijke inbrengverplichting te verbinden, ofwel bij de gift ofwel bij testament. Als het de bedoeling is dat kinderen ook nettohetzelfde ontvangen, kan dit eventueel worden gerealiseerd door in het testament een geldbedrag te legateren vrij van erfbelasting.

Alle kinderen worden uiteindelijk dan toch gelijk behandeld. Dit voorkomt scheve gezichten na uw overlijden en een vermoedelijke ruzie over de erfenis.

Heeft u vragen naar aanleiding van dit artikel of heeft u andere erfrechtelijke vragen neemt u dan gerust contact met ons op.

Reageren is niet mogelijk.