Problematiek slapende dienstverbanden zet zich voort.

De Kolom-beschikking

In een eerdere blog van ons kantoor hebben wij vermeld dat de Hoge Raad op 14 september 2018 in de ‘’Kolomuitspraak’’ heeft bepaald dat een werkgever een gedeeltelijke (pro rata) transitievergoeding verschuldigd is, indien er sprake is van een substantiële en structurele vermindering van de arbeidstijd door blijvende ‘gedeeltelijke’ arbeidsongeschiktheid. Hiervan is bijvoorbeeld sprake als een werknemer vanwege zijn medische beperkingen in het vervolg 20 uur per week gaat werken in plaats van 40 uur per week.

 

Voor de plicht tot betaling van een gedeeltelijke transitievergoeding is derhalve geen daadwerkelijk ontslag benodigd vanuit de werkgever. In de praktijk merken wij dat veel werkgevers zich hier onvoldoende van bewust zijn.

 

Toepassing Kolom-beschikking op slapend dienstverband

In een uitspraak van de rechtbank Rotterdam van 19 juni jl. is een werknemer als Medewerker Verzorging bij Humanitas volledig arbeidsongeschikt geworden en is na 104 weken van ziekte nog steeds niet hersteld, waarna de loondoorbetalingsverplichting ten einde komt. Vanaf dit moment is er sprake van een slapend dienstverband en weigert Humanitas tot ontslag over te gaan.

 

De werknemer stelt zich bij de rechtbank op het standpunt dat Humanitas onder verwijzing naar de Kolomuitspraak verplicht is om een transitievergoeding uit te betalen. Volgens de werknemer is zijn arbeidstijd vanwege zijn arbeidsongeschiktheid volledig teruggebracht naar ‘’0’’ uren en daarmee is er voldaan aan het vereiste van een substantiële en structurele vermindering van de arbeidstijd.

 

De rechtbank is daarentegen van oordeel dat de situatie van de Kolomuitspraak zich niet voordoet. Een substantiële en structurele vermindering van de arbeidstijd door blijvende gedeeltelijke arbeidsongeschiktheid houdt namelijk in dat er een relevant deel van de arbeidstijd overblijft, dit bijvoorbeeld als het gaat om een urenvermindering van 40 naar 20 uur per week. Het in het geheel geen arbeid meer verrichten door blijvende arbeidsongeschiktheid is dan ook een andere situatie die niet in de Kolomuitspraak is behandeld.

 

Conclusie

Deze werknemer van Humanitas is niet de eerste die bot vangt bij de rechtbank en waarschijnlijk niet de laatste als het gaat om de wens om aan het slapende dienstverband een einde te maken onder betaling van de wettelijke transitievergoeding. Hoewel de verwijzing naar de Kolomuitspraak een creatieve manier was om de gewenste transitievergoeding te ontvangen, ging de kantonrechter hier niet in mee.

 

Inmiddels zijn er prejudiciële vragen gesteld aan de Hoge Raad omtrent de problematiek van slapende dienstverbanden. Onze verwachting is dat hier mogelijk nog eind dit jaar duidelijkheid over komt. Houd onze blogs, vlogs en overige nieuwsberichten dan ook goed in de gaten.

Reageren is niet mogelijk.