Corona en een beroep op onvoorziene omstandigheden

Als gevolg van de coronacrisis kunnen bouwprojecten vertraging oplopen en meerkosten ontstaan. In deze blog wordt stilgestaan bij de wettelijke- en contractuele mogelijkheden bij onvoorziene en kostenverhogende omstandigheden.

In veel aannemingsovereenkomsten is een zogeheten ‘prijsvastbeding’ is opgenomen. Dat houdt in dat de aannemer gedurende het werk in beginsel geen recht heeft op verhoging van de afgesproken prijs. Echter, de huidige omstandigheden in verband met het coronavirus, zijn er mogelijkheden om van dit uitgangspunt af te wijken. Als een aannemer door het coronavirus wordt geconfronteerd met onvoorziene kosten, zoals oplopende levertijden en kostenstijging in verband met uitval van personeel, komen deze kosten niet altijd voor rekening van de aannemer.

Kostenverhogende omstandigheden en de UAV 2012 (§ 47 lid 1 UAV 2012)

De veelgebruikte algemene voorwaarden in de bouw, de UAV 2012, voorzien in een regeling omtrent kostenverhogende omstandigheden (§ 47 lid 1 UAV 2012). Op basis hiervan mag de aannemer de aanneemsom verhogen indien sprake is van:

  • omstandigheden die van dien aard zijn dat bij het tot stand komen van de overeenkomst geen rekening behoefde te worden gehouden met de kans dat zij zich zouden voordoen;
  • omstandigheden die niet aan de aannemer kunnen worden toegerekend (hierbij dient gedacht te worden aan abnormale risico’s die niet te berekenen zijn of niet tegen te verzekeren valt);
  • omstandigheden die de kosten van het werk aanzienlijk te verhogen, het zogeheten ‘’aanzienlijkheidsvereiste’’. Hiervoor gelden geen vasten normen, maar worden de volgende vuistregels gehanteerd:
  1. na aftrek van het eigen risico van de aannemer (10%) dient de kostenverhoging circa 5 % of meer van de aanneemsom te bedragen;
  2. de prijsstijging bedraagt 10 tot20%.

Wanneer aan deze voorwaarden is voldaan, is het zaak om hiervan zo spoedig mogelijk schriftelijk melding te doen bij de opdrachtgever. De opdrachtgever dient namelijk in de gelegenheid worden gesteld om het werk te beperken of versoberen. Verzaakt de aannemer zijn mededelingsplicht, dan vervalt daarmee ook zijn aanspraak op bijbetaling.

Wettelijke regeling van kostenverhogende omstandigheden (7:753 BW)

Indien de UAV 2012 niet van toepassing zijn, of de regeling over kostenverhogende omstandigheden uitdrukkelijk is uitgesloten, staat de aannemer niet met lege handen. Integendeel: de aannemer zal een beroep kunnen doen op de wettelijke regeling – artikel 7:753 BW – die voorziet in de mogelijkheid kostenverhogende omstandigheden bij de opdrachtgever in rekening te brengen. Dit artikel houdt in dat, wanneer na sluiting van de overeenkomst zich kostenverhogende omstandigheden voordoen zonder dat deze aan de aannemer kunnen worden toegerekend en de aannemer hier bij de opdrachtbegroting geen rekening mee hoefde te houden, de rechter de aanneemsom kan wijzigen.

Deze wettelijke regeling is “soepeler” dan de UAV 2012. Zo is het geen vereiste dat de onvoorziene omstandigheden de kosten van het werk aanzienlijk verhogen. Ook is geen schriftelijke waarschuwing vereist.

Staalcrisis

Ook in de tijd van de staalcrisis (vanaf eind 2003, toen sprake was van extreem gestegen staalprijzen), zagen aannemers zich geconfronteerd met hogere kosten. Veel aannemers wendden zich daarom tot hun opdrachtgever met een verzoek tot bijbetaling. Opdrachtgevers wezen deze verzoeken vaak af met verwijzing naar het prijsvastbeding in de overeenkomst. De Raad van Arbitrage voor de bouw oordeelde echter in meerdere uitspraken dat het beroep op het prijsvastbeding niet opging, nu de aannemer zich kon beroepen op de wettelijke regeling van de kostenverhogende omstandigheden (artikel 7:753 BW). De Raad vond het aannemelijk dat de prijsstijging een onvoorziene omstandigheid was waar de aannemer geen rekening mee behoefde te houden. De aanneemsom werd om die reden aangepast.

Wettelijke regeling van onvoorziene omstandigheden (6:258 BW)

Een scenario als hiervoor geschetst wordt in veel gevallen door opdrachtgevers vermeden door de toepasselijkheid van zowel de bepaling uit de algemene voorwaarden (UAV 2012) als artikel 7:753 BW contractueel uit te sluiten. In dat geval resteert de aannemer nog wel een laatste redmiddel: een beroep op de wettelijke regeling van onvoorziene omstandigheden.

Artikel 6:258 BW voorziet in een regeling op basis waarvan een rechter bevoegd is overeenkomsten te wijzigen of deze geheel of gedeeltelijk te ontbinden op grond van ‘onvoorzienbare omstandigheden welke van dien aard zijn dat de wederpartij naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde omstandigheden niet mag verwachten’. In tegenstelling tot de regelingen omtrent kostenverhogende omstandigheden, kan dit artikel niet contractueel worden uitgesloten. Een beroep op onvoorziene omstandigheden door de aannemer behoort derhalve altijd tot de mogelijkheden.

Kostenverhogende/onvoorziene omstandigheden en het coronavirus?

De precieze impact van het coronavirus op bouwprojecten is nog steeds onduidelijk. Of het coronavirus een beroep op kostenverhogende omstandigheden, dan wel onvoorziene omstandigheden rechtvaardigt, zal per geval beoordeeld dienen te worden. Van belang hierbij is hoe ernstig een bouwproject wordt getroffen en/of in hoeverre het coronavirus ten tijde van de contractsluiting als voorzienbaar kan worden aangemerkt, maar ook of alternatieven voor handen waren.

Nieuwe clausules voor aannemingsovereenkomsten tijdens de coronacrisis

Indien een opdrachtgever en een aannemer onder onzekere omstandigheden een aannemingsovereenkomst sluiten, lijkt het redelijk dat de opdrachtgever aan de opdrachtnemer eventuele extra kosten vergoedt en extra tijd gunt om het werk te kunnen uitvoeren. Inmiddels worden daarom in veel nieuwe contracten clausules opgenomen die specifiek zien op het coronavirus. Bouwend Nederland, de vereniging van bouw- en infrabedrijven, heeft afgelopen vrijdag vier clausules gepresenteerd die aannemers kunnen gebruiken in aannemingsovereenkomsten die tijdens de coronacrisis gesloten worden.

Vragen?

Heeft u vragen over de gevolgen van het coronavirus voor lopende projecten of staat u op het punt om een contract te sluiten voor een nieuw project, en wilt u weten wat uw juridische mogelijkheden zijn, neem dan contact met ons op.

Jasper de Roo en Elsaline Muskens
Vakgroep vastgoedrecht

Reageren is niet mogelijk.