Aansprakelijkheid van werkgevers

9 juni, 2026
Mark van Raak

In vergelijking met andere soort ongevallen, zijn werkgevers vrij snel aansprakelijk indien een ongeluk op de werkvloer ontstaat. Ik zal u dit toelichten.

Lijdt een werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden schade, dan wordt in beginsel uitgegaan van aansprakelijkheid. Door zo snel van aansprakelijkheid uit te gaan, worden werknemers - juridisch gezien - beschermd. Het criterium ‘in de uitoefening van werkzaamheden’ wordt bovendien ruim uitgelegd, wat extra gunstig is voor werknemers. Zo blijkt uit gerechtelijke uitspraken onder andere dat:

  • niet vereist is dat de werknemer handelingen verricht die bij zijn functie passen;
  • ook ongevallen in de parkeergarage, het trappenhuis en soms zelfs op de openbare weg binnen het criterium kunnen passen;
  • de werknemer de precieze toedracht van het arbeidsongeval niet hoeft te bewijzen.

Heeft de werknemer voldoende duidelijk gemaakt dat het ongeval tijdens zijn werk, dan wel bij zijn werkgever – er is zelfs geoordeeld dat het ná werktijd over het hek bij het werkterrein klimmen binnen het wettelijk kader kan vallen – is gebeurd, dan is de werkgever in principe aansprakelijk is. De schade die de werknemer lijdt, dient dan te worden vergoed. Het gaat hierbij om zowel de materiële als de immateriële schade.

Overigens worden niet alleen werknemers, maar ook anderen (zoals zzp’ers en inleners) op soortgelijke wijze beschermd. Ook zij kunnen zich op de voor werknemers gunstige wetgeving beroepen indien zij voor de zorg voor hun veiligheid afhankelijk waren van hun opdrachtgever.

De werkgever heeft nog wel een aantal mogelijkheden om aan aansprakelijkheid te ontkomen. De drie belangrijkste escapes zijn de volgende.

Bewijzen dat de zorgplicht niet is geschonden.
Er wordt echter een hoog veiligheidsniveau gevergd. Zo is het niet altijd voldoende dat voldaan is aan regelgeving. De werkgever dient bovendien te anticiperen op onvoorzichtigheid van de werknemer.

• Bewijzen dat er sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid.

Een beroep hierop slaagt zelden. Ook als de werknemer gegeven waarschuwingen in de wind slaat, hoeft er geen sprake te zijn van opzet of bewuste roekeloosheid.

• Aantonen dat er geen causaal verband bestaat tussen de schade en de geschonden zorgplicht.
Een voorbeeld hiervan betreft een zaak waarin een werknemer tijdens werktijd viel en waarin werd vastgesteld dat de werkgever zijn zorgplicht had geschonden, maar waarbij uiteindelijk kwam vast te staan dat de werknemer getroffen was door een infarct.  

Dat vaak wordt geoordeeld dat werkgevers aansprakelijk zijn, is velen al wel bekend. Hopelijk is het u nu ook wat duidelijker waarom dat zo is.

Vragen?

Hebt u vragen naar aanleiding van het voorgaande of heeft u andere vragen over aansprakelijkheid en letselschade? Neem dan gerust contact met ons op. Wij denken graag met u mee!

Aansprakelijk en letsel
Mark van Raak